Het corrosiegedrag van zinkcoatings in niet-zure/alkalische atmosferen verschilt aanzienlijk van dat in zure/alkalische atmosferen. Over het algemeen komt het oppervlak van de zinkcoating, bij afwezigheid van zure of alkalische omstandigheden, in contact met zuurstof in de lucht, waardoor zinkoxide (ZnO) ontstaat. Bij aanwezigheid van vocht kan ook zinkhydroxide [Zn(OH)2] gevormd worden.
Wanneer het oppervlak van de zinklaag in contact komt met zure of alkalische atmosferen vergezeld van vocht, zinksulfaat (ZnSO₄), zinkchloride (ZnCl₂), zinkhydroxide [Zn(OH)₂], zinkcarbonaat (ZnCO₃, let op: ZnCO₈ is geen geldige chemische formule voor zinkcarbonaat) en andere verbindingen kunnen worden gevormd. De corrosiesnelheid van de zinklaag varieert met de pH-waarde van de oplossing bestaande uit deze atmosferen en water. Zoals weergegeven in figuur 1-1 zijn er vier pH-waardegebieden: onder pH 6 bevindt zich het sterk zure gebied met de hoogste oplossnelheid; tussen pH 6 en 12,5 bevindt zich het stabiele gebied waar zinkzouten op het oppervlak van de zinkcoating een stabiele beschermende film vormen; pH 12,5 tot 13,5 is het verdunde alkalische gebied; en boven pH 13,5 is het sterk alkalische gebied. Het is duidelijk dat het corrosiegedrag van zinkcoatings in niet-zure/alkalische atmosferen compleet anders is dan dat in zure/alkalische atmosferen.




